Wat Gerard Beense als Stadsdichter van Lelystad schrijft

Agoragrond

De eerste opdracht die ik als Stadsdichter ontving was een gedicht schrijven over het slaan van de eerste paal voor het nieuwe Stadstheater. In de overpeinzingen die daarop volgden werd mijn gevoel continu geleid door de gedachte dat het moest inhaken op 'Het Agoragevoel', een gedicht dat ik in juni vorig jaar heb geschreven, kort voor aanvang van de sloop van de oude Agora. De plek waar de Agora stond had in mijn beleving een toch wat nostalgische waarde. Dat op dezelfde plaats ook het nieuwe theater zou gaan verrijzen maakte die locatie exclusief en gaf het een aureool van aan cultuur gewijde grond. De titel 'Agoragrond' was dan ook het eerste woord wat op papier stond.

Het gedicht zelf refereert aan een brokje historie van een jonge stad, de bijzondere plaats die het Agoratheater zich daarin eigen heeft gemaakt en de intentie om dat, zelfs nadrukkelijker dan voorheen, met een nieuw Stadstheater, te continueren. Bovendien spoort het aan om getuige te zijn van, en mee te wandelen met, nieuwe schreden op het oude pad.

Dat de vermaarde acteur Willem Nijholt op 4 maart het gedicht, voorafgaand aan het slaan van de eerste paal declameerde, en met name ook dat laatst genoemde aspect van het vers in zijn voordracht op voortreffelijke wijze uitdroeg, beschouw ik als een eervolle aanvaarding van mijn eerste officiële Stadsgedicht.

 

Agoragrond
Ter gelegenheid van het slaan van de eerste paal

voor een geheel opnieuw gebouwde Agora,
Stadstheater van Lelystad.


Kom bij ons staan!
Hier! Op Agoragrond!
Waar met De Gordiaan
eens een knoop is doorgehakt
waaruit het hart
van Lelystad ontstond.

Kom bij ons staan!
Hier! Op Agoragrond!
Waar beeld en inbeelding
bewondering vond
en zang en dans de ronde ging
en waar een sfeer van uitgaan hing
die elke Lelystedeling
met cultuur en kunst verbond.

Kom bij ons staan!
Hier! Op Agoragrond!
Hoor toch het heiblok slaan
om het uur aan te geven
wanneer kunst en cultuur op deze plaats,
weer als vanouds kunnen gaan leven.

Kom bij ons staan!
Hier! Op Agoragrond!
En weet waar het theater komt
dat van mond tot mond zal gaan.
Een stadsdiamant
die in talrijke talen,
het schitteren en stralen
in Lelystad en Flevoland,
tot fonkelen vervlecht.
Een theater, gebouwd op grond,
eens ontworsteld aan het water
van weleer.
Nog even en men zegt:
Agora!
Stadstheater!
Je staat er weer.

© Gerard Beense
Stadsdichter van Lelystad
Lelystad, 4 maart 2005

Willem Nijholt en Gerard Beense
eerste paal Agoratheater Lelystad
     
 

Thuis in het Inloophuis

Vrijdag 18 maart vierde het Inloophuis in Waterwijk haar 15-jarig bestaan. De aanloop naar mijn aanwezigheid daar als Stadsdichter van Lelystad, begon enkele weken geleden met het rinkelen van mijn mobieltje, na thuiskomst van een bezoekje aan Omroep Flevoland waar ik als gast van een radioprogramma was uitgenodigd. Het was iemand van de omroep. Kort na de uitzending had een mevrouw gebeld die graag mijn telefoonnummer wilde hebben. Om reden van privacy werd dat haar echter niet gegeven. Maar als ik haar te woord wilde staan dan kon ik meteen met haar doorverbonden worden.

Aldus geschiedde. Het bleek mevrouw Frida Veldman te zijn uit Waterwijk. En zij vertelde me dat het Inloop­huis in Waterwijk op 18 maart van dit jaar het 15-jarig bestaan zou gaan vieren. Aanvankelijk had ze het plan geopperd om als dank en waardering voor de werkzaamheden van de vele vrijwilligers op dat feestelijk moment een bloemetje aan te bieden. Doch na de het radioprogramma beluisterd te hebben waarin ik als gast aanwezig mocht zijn, bedacht ze dat een gedicht toch veel aardiger zou zijn. Of ik als Stadsdichter bereid was mijn poëtische gave daarvoor beschikbaar te stellen. Het telefoontje leidde naar en plezierig gesprekje bij haar thuis waar zij vertelde reeds een aantal jaren regelmatige bezoekster van het Inloophuis te zijn. Je kon er elke dag terecht voor een kopje koffie, elke week op donderdag een warme maaltijd gebruiken en op de laatste zondag van de maand kon men er smakelijke soep eten, zo liet ze weten.

De wijze waarop haar verzoek tot stand kwam, haar oprechte dankbaarheid en het originele idee om bij zo'n gelegenheid eens geen bloemetje maar een gedicht te geven, deed me natuurlijk in de pen klimmen. Bovendien, de onbaatzuchtig inzet van de vele medewerkers van het Inloophuis in Waterwijk, verdiende met zo'n jubileum toch zeker aandacht voor waardering. Daarnaast is het mijn taak als Stadsdichter van Lelystad zekere memorabele momenten in onze stad met poëzie te markeren. Vandaar dat mevrouw Frida Veldman dit gedicht, na mijn voordracht, als haar persoonlijke blijk van dank en waardering, keurig ingelijst, kon aanbieden aan de medewerkers van het Inloophuis in Waterwijk. Uiteraard met de felicitaties voor het 15-jarig jubileum.

 

Thuis in het Inloophuis

Ter gelegenheid van het 15-jarig bestaan
Van het Inloophuis in Waterwijk te Lelystad.

Aangeboden door Frida Veldman.

Al vijftien jaar staat elke dag
een geurend kopje koffie klaar
in het Inloophuis in Waterwijk.
En al vijftien jaar geven daar
vriendelijke vrijwilligers blijk
altijd klaar te willen staan
voor hen, die even uit de dagelijkse sleur,
en gezellig, buiten de eigen voordeur,
op de koffie willen gaan.
En voor wie het wil die mag
er zonder schromen,
iedere week op donderdag
voor een warme maaltijd binnen komen.
Ook de laatste zondag van de maand,
ook wel 'soepzondag' genaamd,
wordt door velen druk bezocht.
Ik geef het toe, ik ben verknocht
aan het Inloophuis, ik voel me er thuis,
ik mag er naar behoeven, graag vertoeven.


Al vijftien jaar staan daar in het Inloophuis,
vriendelijke vrijwilligers dagelijks klaar,
om mensen uit de buurt het gevoel te geven
dat samen leven nooit even duurt
en je altijd doet met elkaar.
Dat vijftien jaar doen, zonder wanklank,
en met zo'n motivatie gepaard,
is naast een zoen en woorden van dank,
ook een felicitatie waard.


© Gerard Beense
Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 18 maart 2005

 

Verdragen van Verscheidenheid

De herdenking van de gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog wordt zestig jaar na dato in een breder perspectief geplaatst. Ook zij die na het einde van WO II het leven hebben gegeven in hun strijd voor de vrijheid worden herdacht. Voorts wordt in deze herdenking het multiculturele aspect van onze samenleving sterker dan voorheen benadrukt.

 


Verdragen van Verscheidenheid
Bij de Herdenking der Gevallenen

op 4 mei 2005 in Lelystad

Als de angst onzekerheid omkneld
en steeds meer stemmen laten weten
dat jouw gevoelen,
jouw verwachten,
niet meer meetelt
in wat wij
met gemeenschapszin bedoelen,
als zo’n samenleving helt
naar de gedachte
dat slechts denken in één richting
als verplichting geldt,
voor jou, voor mij,
zijn jij en ik dan vrij!
Zijn wij dan vrij!
Zijn wij dan vrij om te gedenken
in het weten wat
een samenleving eens
aan vreugde en verdriet bezat!
Zijn wij dan vrij in aandacht schenken
aan diversiteit!
Nee! Ik wil niet worden ontslagen
van het verdragen van verscheidenheid.
Nee! Ik wil het maken van verschil

niet kwijt.
Ik wil kiezen in het delen
en niet verliezen waarvoor zo velen
zich tot sterven bereid hebben getoond.
Ik wil leven daar
waar een mens
met vrijheid samenwoont.


© Gerard Beense
Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 4 mei 2005

 

Klare Wijn   

Donderdagavond 19 mei heb ik als Stadsdichter van Lelystad in het Stadhuis het gedicht ‘Klare Wijn' voorgedragen. Dit gedicht heb ik gemaakt naar aanleiding van de ingebruikname van het Opinieplein, een plek en gelegenheid in het Stadhuis van Lelystad waar burgers en politici met elkaar in debat kunnen gaan over zaken die zij belangrijk genoeg achten om publiekelijk aan de orde te stellen. Tot en met november van dit jaar vindt er elke maand zo'n debat plaats. De winnaar van het debat krijgt het gedicht ‘Klare Wijn', ingelijst en genummerd naar de beperkte oplage, als prijs aangeboden.

 

Klare Wijn

Ter bevestiging van het betrachten en willen tonen dat in Lelystad, mensen met verschillende gedachten kunnen werken en wonen. Bij de ingebruikname van het Opinieplein in het Stadhuis van Lelystad.

Hier staat u dan

op het Opinieplein,

een zeepkistplek

waar iedereen, groot of klein,

spreken kan,

over zaken,

die je persoonlijk

in het stadsleven raken.

Dit Opinieplein

is een teken van

bereikbaar zijn voor ideeën

die je niet met z'n tweeën,

maar met velen wilt delen.

Een plek op politiek terrein

dat ook de makers van beleid,

muziek in het oor moet zijn

als ze willen luisteren naar

dat wat burgers en overheid

soms doet scheiden van elkaar.

Spreek hier, zonder schromen

en laat op dit Opinieplein,

voor elke leek,

de klare wijn maar stromen.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, april 2005

 

 

Die Jazzy-sfeer, hij is er weer

Zondagavond 22 mei was ik als Stadsdichter van Lelystad uitgenodigd in De Studio's aan het Maerlant om er het gedicht ‘Die Jazzy-sfeer, hij is er weer' voor te dragen. Dit gedicht heb ik geschreven naar aanleiding van het feit dat er sinds geruime tijd weer een gelegenheid in Lelystad is waar liefhebbers van jazz terecht kunnen. Een plaats waar met live-optredens elke maand een keer op zondag van jazz genoten kan worden. De Lelystadse zanger/componist Martin Weber heeft van dit gedicht een jazzy song gemaakt.

 

Die Jazzy-sfeer, hij is er weer.

Bij het verwelkomen van Jazz-Sessions in DE STUDIO'S in Lelystad.

Yes, ik hou van zo'n plekkie

waar onder het genot

van een sigaret of van een shaggie,

van een glaasje whisky, wijn,

een biertje, een witte of rode port,

fijn van Jazz genoten wordt.

Zo'n rokerige lokaliteit

waar een, soms ook rokerige,

stem een sfeer verspreidt

waarin geen lied

je niet in het hart kan raken.

Waar de tuba en de bas,

je naar een danspas leidt,

die wat je dacht en had verwacht,

laat zweven naar een werkelijkheid

waar de tijd van toen,

naar nu is gedreven.

Waar het ons is gegeven,

dat piano en trompet,

gitaar en saxofoon,

Miles Davis en Nina Simone,

een duo of sextet,

hand in hand met Armstrong,

Dulfer en Reys,

een soms kort en soms grijs, verleden,

laten vibreren in het heden.

Waar de improvisatie blijft verkeren

met klanken en tonen

waarin je heerlijk weg kunt dromen,

waarin verlangen met adoreren,

onbevangen wordt uitgestort.

Yes, ik hou van zo'n plekkie

waar onder het genot

van een sigaret of van een shaggie,

van een glaasje whisky, wijn,

een biertje, witte of rode port,

fijn van Jazz genoten wordt.

Die Jazzy-sfeer, hij is er weer.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, mei 2005

 

 

Zo'n Haringdag in Lelystad

Op woensdag 8 juni werd bij de Bakvis op het Noorderwagenplein in Lelystad voor de 22e keer de Haringhappening gehouden. Tijdens dit inmiddels tot een traditie uitgegroeid haringfeest wordt een vaatje Hollandse Nieuwe aangeboden aan een bekende Nederlander, veelal een artiest. In voorgaande edities waren dat o.a. Jan Blaaser, Koos Alberts, Ted de Braak, Bueno de Mesquita, Piet Römer, Mies Bouwman, Carry Tefsen, Imca Marina, Harry Slinger, Ria Valk, René Froger en vele anderen. Dit keer mocht de zangeres Bonnie St. Claire het vaatje Hollandse Nieuwe in ontvangst nemen. Tal van haar voorgangers waren daarbij aanwezig. Als Stadsdichter van Lelystad mocht ik deze gebeurtenis natuurlijk niet onvermeld laten. Vlak voor dat Bonnie St. Claire het vaatje haring kreeg heb ik dit gedicht voorgedragen.

 

Zo'n Haringdag in Lelystad

Bij de 22ste Haringhappening van de Bakvis in Lelystad,

ter gelegenheid waarvan de zangeres Bonnie St. Claire

een vaatje Hollandse Nieuwe aangeboden krijgt.

Een ieder die van haring houdt

is al tweeëntwintig jaar vertrouwd

met het weten dat in Lelystad

de Haringhappening

voor elke Lelystedeling

een dag is om bij de Bakvis

op het Noorderwagenplein te zijn.

Om samen met Ton van Oosten

en Marja en Jan Luyken

op de komst van een tonnetje

Hollandse Nieuwe te toosten

enn weer even in traditie te duiken.

Iedereen mag dan komen kijken,

proeven, smullen en laten blijken

dat zo'n haringdag in Lelystad

bijzonder is

en dat haring ook gezonder is

dan een broodje bal.

Maar bovenal, ú weet het al,

komt die haring nooit alleen

met een glaasje wijn of bier

omdat de vis moet zwemmen.

Er is muziek en zang, plezier

met lied na lied

van bekende stemmen.

En er is er géén die zich niet

door haring en door liedjes,

en even gaan in nostalgietjes,

heerlijk laat verwennen.

Zo'n haringdag in Lelystad,

het is alom bekend,

is ieder jaar een fijn festijn,

waar je, zelfs als je een bakvis bent,

toch altijd bij moet zijn.

Oja, er is nóg een weten dat ik met u wil delen.

Zometeen komt… Bonnie, buiten spelen.

En klinkt straks, misschien vanaf het toneel,

in een, wat verwarde taal:

Er zit een graatje in mijn keel,

dan roept u natuurlijk allemaal:

Zit dokter Bernhard in de zaal?

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 8 juni 2005

 

Te Weinig of Genoeg

Op vrijdag 10 juni vierde de STEL, de Stichting Eerstelijnsgezondheidszorg Lelystad haar 25-jarig bestaan. Reeds kort na mijn benoeming als Stadsdichter van Lelystad werd ik door de STEL benaderd met de vraag of ik, ter gelegenheid van dat jubileum, een gedicht wilde schrijven. Uiteraard heb ik aan dat verzoek voldaan. Tijdens de receptie die op de 10e juni in restaurant Willem Barentsz van Natuurpark Lelystad werd gehouden, heb ik dit gedicht voorgedragen.

 

Te Weinig of Genoeg

Ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van STEL,
de Stichting Eerstelijnsgezondheidszorg in Lelystad

Is de kern van dit gedicht

het gaan naar 25 jaar

zorg voor gezondheid in onze stad?

Of moet ik als dichter het licht laten schijnen,

op gezondheid en haar eigen gezicht

dat nimmer zal verdwijnen?

Is het belangrijk om te weten dat

een kwart eeuw terug in Lelystad

de Eerstelijnsgezondheidszorg

in 't Wold begon,

en zich bij aanvang vestigen ko

in vier gewone woningen,

met een wachtkamer in een schuurtje?

Dat de eerste artsen daar, menig uurtje

voor het slapen in de nacht,

in een slaapzak hebben doorgebracht?

Dient aan dit vers te worden toevertrouwd

dat op zeker moment

Gezondheidscentrum 't Woud werd gebouwd?

En is u bekend dat al enkele jaren na die tijd,

zo'n centrum voor Gezondheid

ook in Waterwijk is gekomen?

En dat dit STEL, zo heb ik voorts vernomen,

vorig jaar werd uitgebreid

met Gezondheidszorg in Lelystad-Haven

Of ik nog meer over STEL heb aan te dragen?

In dat geval wijs ik graag naar het begin,

naar de zin waarin u lezen kunt,

of in dit gedicht de blik

aan het verleden moet worden gegund,

of dat het moet worden gericht op zaken

die met het kijken naar

gezondheid hebben te maken.

U ziet, ik heb gewikt en gewogen maar,

ik ben toch gezwicht voor het streven,

dat het zicht in dit gedicht,

toch nog even, moet worden omgebogennaar,wat gezondheid ons persoonlijk bericht.

Gezondheid is geen doods gegeven,

gezondheid is het zelf beleven

van een veelal wisselende staat,

van ongemak en overdaad

aan pleziertjes en pijntjes

die soms vroeg, soms laat,

soms grof, soms fijntjes,

zegt tegen lichaam en geest:

Het is te weinig of het is genoeg geweest.

.© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 10 juni 2005

 

Een Diner voor Twee

Ook op 10 juni trad de Lelystadse wethouder van Financiën Albert Kok in het huwelijk met Conny Douw van der Krap. De heer Chris Leeuwe, burgemeester van Lelystad, voltrok dit huwelijk. Op speciaal verzoek heb ik dit gedicht met een persoonlijk tintje voor het bruidspaar geschreven. Burgemeester Leeuwe heeft het tijdens de huwelijksvoltrekking voorgedragen.

 

Een Diner voor Twee

Stadsgedicht ter ere van het Huwelijk
van Albert Kok en Conny Douw van der Krap

Een huwelijk is als

een diner voor twee,

met een menu

dat ingrediënten vereist

waarin met name de saus als een jus,

heel bepalend bewijst

hoe het smaakt,

hoe het proeft,

wat zo met zorg

bij elkaar is gevoegd.

Geen Kok zal Krap zijn

met saus die naar de tafel gaat,

waar een maaltijd aan zal vangen

die zoveel gangen beslaat

dat je van te voren nooit kan weten

wanneer je ooit bent uitgegeten.

Soms is het Luilekkerland

en soms is het peentjes zweten,

als je de vingers hebt gebrand

en niet proeft maar voelt

wat met een pittig sausje wordt bedoeld.

Een Kok die is gewend

elke cent om te draaien,

durft ook met lof te zwaaien,

kan heel knap met Krap om gaan

en weet dat zuinigheid vlijt is,

als hij maar altijd bereid is

klaar te staan om de saus te maken

die de maaltijd van gang tot gang

en van toetje tot toetje,

blijvend doet smaken.

En dat is iets

waar dat diner voor twee,

in beginsel al om vroeg,

immers Krap is niet weinig,

Krap is genoeg.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 10 juni 2005

 

 

Een File van Voorbije Tijden

Zondag 19 juni mocht ik de 21ste Nationale Oldtimerdag in Lelystad openen met het voor deze gelegenheid geschreven gedicht 'Een File van Voorbije Tijden'.

 

Een File van Voorbije Tijden

Ter gelegenheid van de 21ste Nationale Oldtimerdag in Lelystad

 

Er is één dag in het jaar

dat op de Lelystadse dreven,

oude tijden herleven

als daar achter elkaar,

voitures van voorheen passeren

en het verre verleden,

even terug doen keren

naar het oog van vandaag,

waar de blik zich graag laat leiden

naar een file van voorbije tijden.

Automobielen die niet vervielen

in vergaan, vergetelheid,

die de tijd trotseerden

die met elke kilometer

of mijl passeerde.

Zie ze staan.

Zie ze rijden.

Zie ze showen dat,

in Lelystad,

een vervlogen verleden meer omvat

dan iets van voorbijgaande aard.

Hier wordt getoond dat hun tijd van toen,

ook voor de toekomst blijft bewaard.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 19 juni 2005

 

 

Tekenen met Woorden

Op donderdag 30 juni mocht ik samen met Robin Bakker, een leerling van 't Schrijverke, en de tekenaar Fleix Quërain in de bibliotheek van Lelystad een prijs uitreiken in het kader van de Kansrijke Taalwedstrijd, georganiseerd door de SOL, de Stichting Onderwijsvoorrang Lelystad. Deelnemers waren leerlingen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar van de GOA-scholen. De opdracht was een poster maken. Dat mocht zijn een gedichtenposter, een interessante poster of een woordenschatposter. Samen met mocht ik in de jury plaats nemen. Van de 54 inzendingen heben we 4 eervolle vermeldingen toegewezen. De eerste prijs ging naar de poster met poëtische tekst 'De Draak', gemaakt door groep 1 en 2 van de katholieke basisschool Lateare. Voor de prijsuitreiking heb ik het gedicht 'Tekenen met Woorden' gemaakt en natuurlijk aan de kinderen voorgedragen.

 

Tekenen met woorden

Bij de prijsuitreiking van de Kansrijke Taalwestrijd 2004-2005 van de Stichting SOL voor Lelystadse scholen in de bibliotheek te Lelystad

Spelen met taal

is tekenen met woorden.

Dat kan in een gedicht

of in een verhaal,

iets met woorden doen

dat kunnen we allemaal.

Kijk maar eens naar praten.

Echt, als je iets wilt zeggen,

of uit wilt leggen,

dan kun je het praten niet laten.

We zijn er aan gewend,

of je nu zeven bent,

of twintig, negen of elf,

praten gaat bijna vanzelf.

Schrijven is praten met potlood of pen.

Je kunt bijvoorbeeld schrijven,

ik ben Jaap of Marijke en ik ben

tien jaar, zo, de eerste zin is klaar.

En Jaap rijmt op slaap

en Marijke op kijken

en raken op daken.

Het valt best mee een rijmpje te maken.

Jaap heeft slaap,

Of Marijke zit televisie te kijken.

Een goed begin

voor de eerste zin

van een gedicht of een verhaal.

Kijk, dat is spelen met taal.

Met een beetje fantasie

Kunnen we het allemaal.

Over fantasie gesproken,

Wie heeft er nog nooit gedroomd van spoken

of van staan op de maan.

Echt, in je fantasie kun je overal heen gaan,

Kun je filmster zijn,

ook al ben je groot of klein.

Waar je wilt daar kun je komen,

je kunt zelfs praten tegen bomen.

Weet je, het is gewoon een beetje dromen,

dromen over je liefste wens,

echt waar, dromen dat doet ieder mens.

Over een reisje naar een ver land,

of smullen van een ijsje op het strand.

En als je kan schrijven

wat je allemaal ziet,

kun je er heel lang blijven

en vergeet je niet,

als je het nog een keertje leest,

dat je er zelf bent geweest.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 9 juli 2005

 

 

Waarachtig

Op vrijdag 8 juli mocht ik als stadsdichter een expositie openen van Eshter Teule en Menno Baars bij Omroep Flevoland in Lelystad. Ter gelegenheid daarvan en als openingshandeling heb ik het gedicht 'Waarachtig' voorgedragen. Een haiku liet ik daaraan voorafgaan.

Omroep Flevoland

ethermediumbestaan

voor Flevolanders

 

Waarachtig

Als kunst een bevlieging is

dan wil ik graag een vogel zijn.

Als kunst water is

dan wil ik graag een stroom zijn.

Als kunst adem is

dan wil ik graag lucht zijn.

Als kunst vuur is

dan wil ik graag de vlam zijn.

Als kunst een leugen is

dan wil ik graag een bedrieger zijn.

Als kunst een manier van kijken is

dan wil ik graag de blik zijn.

Als kunst bestaan is,

dan leef ik,

als een vogel,

als een stroom,

luchtig,

als een vlam,

als een bedrieger,

als een blik,

als in een droom.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

 

Aan weten vrijgegeven

Op zaterdag 10 juli heb ik als stadsdichter bij de opening van de expositie 'Vergaan in de Gouden Eeuw' in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad het gedicht 'Aan weten vrijgegeven' voorgedragen.

 

Aan weten vrijgegeven

Bij de opening van de tentoonstelling ‘Vergaan in de Gouden Eeuw' in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad.

 

Eeen kostbare bodemschat

is niet altijd aan zilver of goud gebonden,

soms wordt het, zoals hier in Lelystad,

op een plaats waar eens de zee heeft geraasd,

als vergaan maar nog steeds bestaand,

eeuwenoud hout gevonden.

Hout dat eens werd gebruikt

voor de bouw van een schip

dat plots uit het voormalig slib

van een drooggelegde zee opduikt.

Een vaartuig dat eeuwen geleden,

tegen wind en golven heeft gestreden,

in haar gaan verging, met als lading,

een lang verborgen gebleven zicht

op leven dat ver in het verleden ligt.

Het laat ons zien dat, waar voordien

de zee soms nam van, wat voorbij kwam

in haar zilte stromen,

in vergeten is gestort,

door Nieuw Land waar nu mensen wonen,

aan weten vrijgegeven wordt.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 9 juli 2005

 

 

 

Neerlands Meester der Mimiek

Op 19 augustus overleed in Lelystad op 87-jarige leeftijd de vermaarde artiest Bueno de Mesquita. Daags voor zijn overlijden was ik nog even bij hem op bezoek. Bueno was een goede vriend maar ook Ambassadeur van Lelystad. Als vriend en als Stadsdichter heb ik dit gedicht ter herinnering aan hem geschreven en voorgedragen tijden de crematieplechtigheid op 24 augustus.

 

Neerlands Meester der Mimiek

In herinnering aan Abraham Bueno de Mesquita, een man, klein van gestalte maar met een groot aandeel in het leren leven met een lach. Een artiest, een kunstenaar, Lid in de Orde van Oranje Nassau en Ambassadeur van Lelystad

Een cello met één snaar

en het trekken van gekke bekken,

dat is waar

een man in een oorlogsjaar

het behoud van leven in zag,

vertrouwd werd met

leven als artiest, als kunstenaar

en het schenken van een lach.

Hij danste, zong, speelde zijn muziek,

wist mensen, te imiteren, te motiveren,

talenten tot sterren te transformeren,

werd zelfs buiten onze grenzen

Neerlands Meester der Mimiek.

Hij toonde komedie, dramatiek,

kon het als eenheid presenteren,

maar bleef daarbij altijd een man

die dat nooit deed ten koste van

Hij wist dat overleven lag

in leren leven met een lach,

zonder te kleineren,

dat een traan een ander pad kan gaan,

uitzicht biedt

aan een ieder die ook humor ziet

en iets van leven met een lach verlangt.

Bueno, bedankt.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 24 augustus 2005

 
 

In het Hart van eens een Zee

Gedicht op 23 september voorgedragen tijdens de officiele overdracht van het standbeeld van Cornelis Lely aan Nieuw Land Erfgoedcentrum. Het standbeeld is vervaardigd door de beeldhouwer Piet Semeijn Esser. De overdracht geschiedde in het bijzijn van zijn kinderen en kleinkinderen.

 

In het Hart van eens een Zee

Bij de plaatsing van het door Piet Semeijn Esser vervaardigd standbeeld van Cornelis Lely aan de kust van Lelystad.

Hier staat Lely, aan een kust,

in het hart van eens een zee,

bij een dijk die het Nieuw Land omvat,

ontstaan naar zijn idee.

Zijn blik bestrijkt een bakermat

waarmee hij is vervlecht,

en aanschouwt wat is gedaan nadat

een zee is heengegaan

en land werd blootgelegd

dat hij in brons betrad.

Zie hem hier voor altijd staan,

aan de zoom van een stad,

verbonden met zijn naam.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 23 september 2005

 

 
 

Een Onuitwisbaar Gegeven

Gedicht geschreven ter gelegenheid  van het 25-jarig bestaan van de Gemeente Lelystad

 

Een Onuitwisbaar Gegeven

Bij het 25-jarig bestaan van de gemeente Lelystad

Daar waar land en water elkaar raken

is eens een stad ontstaan,

een plaats waar mensen werken, wonen,

overal kwamen ze vandaan.

Ze zijn er neergestreken omdat

die plek in het hart van Nederland,

van Flevoland,

een nieuw beginnen bood,

een pioniersgeest had,

nieuw land ontsloot

dat nauw verwant aan water is.

Nu, jaren later is

die stad, gebouwd met Lely's naam,

gegroeid en opgebloeid

naar 25 jaar bestaan,

geboortegrond van vaders en moeders,

dochters en zonen,

een stad naar waar nog steeds,

uit alle windrichtingen,

nieuwe Lelystedelingen komen

die tonen dat hier een samenleving is,

waar ruimte voor nieuw streven is,

nieuw leven is,

en het een onuitwisbaar gegeven is

dat hier, met elkaar, al 25 jaar,

Lelystadse geschiedenis geschreven is.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 27 september 2005

 

 

Zonder Onderscheid

Een gedicht geschreven ter gelegenheid van 'babsendag' in Lelystad. Een 'babs' is een Bijzondere Ambtenaar Burgerlijke Stand, een trouwambtenaar. Meta Jacobs, een 'babs' in Lelystad, vroeg mij een gedicht voor deze bijzondere bijeenkomst te maken. Dit gedicht heb ik voorgedragen tijdens de 'babsendag' in Lelystad op 10 oktober in het stadhuis van Lelystad.

 

Zonder Onderscheid

Ter gelegenheid van babsendag´, een bijeenkomst van Flevolandse trouwambtenaren in Lelystad , 10 oktober 2005

 

Ik zou met jou

het weten willen verspreiden

over een maatschappij

waarin een ieder die er leeft,

beroemd of onbekend,

ten allen tijde de mogelijkheid heeft,

te kunnen zijn wie je bent.

Waar het een gegeven is

dat leven delen

voor velen het streven is

naar vervulling van dromen

over altijd samen zijn,

en samen komen tot een staat

waarin het houden van elkaar

een gevoel is dat nooit overgaat.

Waar het liefdesleven van een paar

met een ja-woord wordt verheven

boven twijfel, dat onzekerheid aanduidt,

zelfs boven, zwaarder wegen, uitstijgt

en daarvoor de zegen krijgt

van een samenleving die besluit,

zonder enig onderscheid,

een relatie te accepteren

waarin het naast gelijkheid

ook verschillen wil waarderen.

 

Ja, ik zou met jou

het weten over dit bestaan,

willen delen met een ieder

die in samen leven voort wil gaan.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

 

 

 

 

Als een paal boven water

Een gedicht geschreven ter gelegenheid van Het Klimaatsyposium Flevoland, op 12 januari 2006 voorgedragen in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad.

 

Als een paal boven water

Ter gelegenheid van het Klimaatsymposium Flevoland

in het Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad

Over het leven en het klimaat

wordt veel geschreven en gepraat,

met name, als het om,

overleven gaat.

Immers, en dat staat

nu nog,

als een paal boven water,

als we vandaag niet zorgen

dat er voor morgen

en ook voor later,

een leefklimaat bestaat waarin

het eigengewin,

opgaat in de gemeenschapszin

van een samenleving

die de gehele wereld beslaat,

die, waar je ook bent,

van mens en dier, van al wat leeft,

van u, van mij is,

ontstaat er een moment

dat leven geen zin heeft,

dat het allemaal voorbij is.

Over het leven en het klimaat

wordt veel geschreven en gepraat,

maar waar het daarbij feitelijk om gaat

is het durven stellen van een daad

en doen wat voor leven naar later

moet worden gedaan.

Laat dat gegeven als een paal

boven water staan.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 12 januari 2006

 

 

Agoragrond 2

Een gedicht geschreven ter gelegenheid van het bereiken van het hoogste punt van het in aanbouw zijnde nieuwe stadstheater van Lelystad, op 19 januari 2006 voorgedragen tijdens een feestelijke bijeenkomst in Hotel Mercure in Lelystad.

 

Agoragrond 2

Bij het bereiken van het hoogste punt in de

bouw van een nieuwe Agora, Stadstheater van Lelystad.

Kom en kijk hier, naar Agoragrond.

Kijk naar die plek

waar het slaan

van een eerste paal plaatsvond

voor een stadstheater dat

het hart van Lelystad verwarmt

als het straks kunst en cultuur omarmt.

Kijk naar die plek en ontdek,

nu, nog geen jaartje later, staat er,

een kaal en grijs,

aan steigers gebonden gebouw,

in schoonheid nog beperkt,

maar toch, met een vlag in top,

als teken van een schouderklop

voor een ieder die er aan heeft gewerkt

en dus het pannenbier wordt gegund

met het bereiken van het hoogste punt.

Kom en kijk hier, naar Agoragrond,

zie wat is gedaan.

Aanschouw dit pand in opbouw want,

hier in het Stadshart komt,

als straks de steigers zijn gegaan,

een Stadsdiamant te staan.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 19 januari 2006

 

 

Een foto, zomaar een foto

Een gedicht geschreven ter gelegenheid van de opening van de door wethouder Tjeerd van der Zwan officieel geopende foto-expositie 'Lelystad van Herfst naar Winter' van de Lelystadse fotograaf John Piebinga, voorgedragen in Hotel Mercure waar de expositie ook te bezichtigen is.

 

Een foto, zo maar een foto

Bij ‘Lelystad van Herfst naar Winter', een foto-expositie

van de fotograaf John Piebinga in hotel Mercure te Lelystad.

beeld van een belevenis,

een passeren dat beschreven is

voor het oog, van u, van mij,

bevroren blikken uit verstreken,

een gebeurtenis, een jaargetij,

een verstild moment van voorbij,

vergleden in een tijd die was,

maar even aan vergetelheid ontsnapt

en in herinnering gebracht

door een koestering van toen,

een kijken dat iets bijzonders zag

in het dansen van donker en licht,

een moment, een vleugje van de dag,

een vingerafdruk dat bericht

van bijna vergeten

en in een enkele oogopslag laat weten

dat ergens op het belopen pad

een flits van vervlogen is omvat.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 21 januari 2006

 

 

Het Leeuwedeel

Een gedicht geschreven ter gelegenheid van het afscheid van Chris Leeuwe als burgemeester van Lelystad. Voorgedragen op 25 januari 2005 in het Stadhuis van Lelystad.

 

Het Leeuwedeel

Bij het afscheid van Chris Leeuwe als Burgemeester van Lelystad

Als in de gemeente Lelystad

het Leeuwedeel ten berde werd gebracht,

dan was daar heel goed over nagedacht.

Maar als u nu verwacht

dat het dan om het merendeel ging,

dan is dat een misvatting.

Nee, als hier in Lelystad

het Leeuwedeel ter sprake komt

weet een goed verstaander terstond

dat het niets met meer of minder

dan de helft te maken heeft,

het Leeuwedeel wordt hier anders beleefd.

Het geeft inzicht op wat

wij hier in Lelystad

met een bijzondere bijdrage bedoelen.

Bij deze woorden denkt menigeen

wellicht meteen aan te kunnen voelen

waar het Leeuwedeel om gaat,

dat de betekenis wel zal stoelen

op een mogelijk uitzonderlijke daad.

Edoch, wie het Leeuwedeel goed verstaat,

en het woord juist heeft gehoord

en in tweeën deelt,

weet dat de letter N

er geen enkele rol in speelt.

Zelfs als verbinding doet de N niet mee.

Nee, het Leeuwedeel verkeert in een métier

waar een zekere eigenschap

op elke tree van de trap die gelopen wordt,

gewogen wordt,

aandacht krijgt,

hangen blijft in een breder verband,

van welke kant je het ook bekijkt.

Natuurlijk, Lelystad is in de loop der tijd,

met name de laatste tien jaar,

met duizenden inwoners extra verrijkt.

Het is een stad geworden waar

men graag vertoeft.

En het moge duidelijk zijn

dat het geen betoog behoeft

om te stellen dat

burgemeester Leeuwe daar,

zonder mitsen en maren,

een belangrijk aandeel in had.

In al die jaren heeft hij zonder schromen

alom laten blijken

dat in Lelystad mensen wonen

die verder willen kijken.

Dat de stad tijdens zijn tijd

van verstopt en ver weg zijn is bevrijd,

een ander aanzicht heeft gekregen,

dat over het,

naar Lelystad komen met lieslaarzen aan,

inmiddels wel wordt gezwegen.

Daar zijn we hem zeer erkentelijk voor,

maar het Leeuwedeel, in dit gedicht gemeld,

heeft een bredere betekenis,

verdient een ander gehoor,

is een belevenis voor elk luisterend oor

dat zich alshetware verplicht heeft gesteld,

voor strelen open te staan

en het Leeuwedeel gewoon zijn gang te laten gaan.

Een ieder die het weet, ziet

het als juist als ik zeg,

het Leeuwedeel geschiedt

ogenschijnlijk voor de vuist weg.

Als uit de losse pols geschud

bewijst het zijn nut,

weet het te boeien,

te binden,

laat het waardering groeien

om respect te vinden.

Nee, het Leeuwedeel

heeft niets te maken met weinig of veel,

dat mag best worden gememoreerd.

Het Leeuwedeel verkeert,

zoals eerder gezegd,

in een ander métier,

is niet aan klein en groot gelieerd,

enfin, dat heb ik al uitgelegd.

Het Leeuwedeel is bovendien allerminst vaag

maar een duidelijk gegeven

dat ik gaarne overdraag

aan een ieder die met dat weten wil leven.

Het Leeuwedeel is sinds vandaag,

heel strikt genomen,

een teken van

hoe helder en hoffelijk iemand spreken kan.

Leeuwedeel, zonder N, ik zeg het u maar,

om spraakverwarring te voorkomen.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 25 januari 2006

 

 

Waarom ik van Lelystad hou

Dit gedicht heb ik geschreven ter gelegenheid van de installatie van Margreet Horselenberg als burgemeester van Lelystad. Op woensdag 1 februarie, tijdens een bijzondere raadsvergadering in het stadhuis, heb ik het voorgedragen. Ik begon mijn voordracht met felicitaties en de aankondiging van een liefdesverklaring.

 

 

Waarom ik van Lelystad hou

Bij de installatie van Margreet Horselenberg als nieuwe burgemeester van Lelystad

Ik heb iets met Lelystad,

wat, dat zal ik u verklaren.

Het is een stad met nog ruimte zat,

voor werken, wonen,

leven met kunst en cultuur

en vrije tijd ervaren

in een natuur dat

bijna spontaan ontstaan

kan tonen,

en water, heel veel water,

en blauwe luchten vaak,

en een standbeeld staat er

van een man

die gedurfde plannen had,

die met zijn visie blijk gaf van een blik

waarin u, waarin ik,

krijgen aangereikt,

dat meer kan

dan zo op het eerste zicht mogelijk lijkt.

Dat is een eigenschap van Lelystad,

gestoeld op het idee

dat geen zee te hoog is

of we doen er wel iets mee.

Kijk, daarom hou ik van Lelystad,

en een ieder die laat blijken

verder te willen kijken

kan daar niet omheen.

Zelfs als je uit het oosten komt

dan zie je dat meteen.

Dan stap je hier binnen met het besef,

dit is pas een stad met lef.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 1 februari 2006

 

 

Heremijntijd

Gedicht, op speciaal verzoek geschreven ter gelegenheid van het afscheid van Rosita Monsato als communicatieadviseur van de gemeente Lelystad, op woensdag 8 februarie voorgedragen in The Classic.

 

Heremijntijd

Stel, er is een vrouw,

een moeder bovendien,

een vrouw die onomwonden zegt:

In het werk waar ik van hou

heb ik het eigenlijk wel gezien,

ik heb mijn blik verlegd.

 

Stel, er is een vrouw,

modern gekleed, een vrouw die zeker weet,

van luxe houdt en vakanties toevertrouwd

aan verblijven achter de kim,

een vrouw die met haar kinderen op safari gaat,

het oude jaar uit en het nieuwe jaar in.

 

Stel, er is een vrouw

voor wie het niet raar is

als het werk vandaag,

in plaats van morgen klaar is,

een vrouw die apathisch blijkt

voor iets dat al te bureaucratisch lijkt.

 

Stel, er is een vrouw,

zelfbewust en doelgericht,

een vrouw die ongevraagd

steeds wisselende kleding draagt,

wat dominant wellicht

en zelden scheutig met geduld,

de aangenomen taak vervult

zolang de uitdaging maar ligt,

in het gestelde doel bereiken,

niet terug in het zicht

maar bezig zijn met verder kijken.

 

Zo'n vrouw, die zegt al gauw:

Heremijntijd,

er zit meer in het leven dan

het begeven in gezapigheid,

ik ben gedreven in het doen wat ik kan.

Wat zal mij beletten de bakens te verzetten.

Ik doe de stoute schoenen an

en trek mijn eigen plan.

© Gerard Beense

Stadsdichter van Lelystad

Lelystad, 8 februari 2006

 

 

 
HOME